Barend is niet boos. Barend is niet verdrietig
Barend zit verscholen achter een spiegelende zonnebril. Met open mond staart hij over ons heen. Zo lijkt het tenminste. Als de begeleidster de bril van zijn gezicht haalt, heeft hij zijn ogen gesloten. “Barend, we gaan naar de vogeltjes.” Geen reactie. Ik stel me aan hem voor en vertel dat we naar de volière gaan. “De meeste bewoners van deze groep zijn blind. Maar Barend is een van de weinige die kan zien”, had ze gezegd. Ik duw hem naar de kooi met kwetterende en tjilpende vogels. Kanaries, dwergpapegaaien, zebravinkjes en parkieten. Barend stoot een korte keelklank uit. “Hij vindt het leuk”, zegt de belegeleidster. Na een half uurtje wandel ik met hem verder.
Met de afdeling houden we elk jaar een vrijwilligersdag. Dan zetten we ons een dagje in voor een goed doel. Afgelopen vrijdag was het weer zo ver. Het goede doel was dit keer woongemeenschap voor verstandelijk en meervoudig gehandicapte jongeren en oudere jongeren, Sherpa, gelegen in de bossen van Baarn. ’s Ochtends werkten we een gevarieerd programma af. Een groepje ging zwemmen met een aantal gehandicapten. Diverse ruimtes kregen een nieuw verfje. Badkamers werden bestickerd. Zo’n vijftien bewoners beschikten een ochtend lang over een duwer, die hen door een zogeheten Belevingstuin mocht rijden. ’s Middags kwam een deel van de bewoners bijeen in het paviljoen van de gemeenschapsruimte. Een accordeonist, een bellenblazer en een suikerspinnendame maakten het feest compleet.
Zonder een spoor van emotie voelt Barend aan een bruine, langharige cavia. Ik probeer onder zijn bril te kijken. Zal ik hem even van zijn neus tillen? Ik durf het niet. Zijn rolstoel rijdt zwaar. Ik zet hem naast een grote plantenbak met kruiden. Dit is de Belevingstuin. Ik trek een takje tijm los en houdt het voorzichtig onder Barends neus. Geen reactie. Ik kan niet zien of hij ook echt ruikt. Misschien kan hij niet eens ruiken. Het is niet bekend bij zijn begeleidster. Ik herhaal mijn handeling, maar dan met een takje lavendel. Als hij al dan niet geroken heeft, leg ik het naast het takje tijm op het schootblad van zijn rolstoel. “Zullen we een stukje gaan wandelen?”
In deze woongemeenschap moet een minimum aan begeleiders alles uit de kast halen om mensen met een onmenswaardige lichamelijke en geestelijke conditie een menswaardig bestaan te geven. De begeleidster vertelt dat de meeste bewoners een aangepaste rolstoel hebben, met daarin een matras en soms riemen om hen vast te houden. Sommige mensen slaan zichzelf. “Veel bewoners denken en voelen als een baby in zijn derde levensmaand.” Het komt voor, vertelt de begeleidster, dat de bewoners zelfs niet meer door hun ouders worden bezocht. "Die kunnen het dan niet meer aan. En gaan soms ook scheiden om hun kind." God, wat voel ik me gezegend, met twee kerngezonde kinderen.
Na een tochtje van tien minuten door het bos is het tijd om Barend naar zijn woning te brengen. In de centrale hal annex keuken van het gebouw nemen we afscheid. De begeleidster heeft de zonnebril meegenomen, want die was geleend. Barend heeft zijn ogen open. Ik probeer contact met hem te maken en weet niet wat ik moet verwachten. Verdriet? Of toch gewoon blijdschap? Twee lange seconden kijken we elkaar aan. Ik zie niets.
Sherpa zoekt doorlopend vrijwilligers. Interesse? Meldt je dan aan via haar website>>
Met de afdeling houden we elk jaar een vrijwilligersdag. Dan zetten we ons een dagje in voor een goed doel. Afgelopen vrijdag was het weer zo ver. Het goede doel was dit keer woongemeenschap voor verstandelijk en meervoudig gehandicapte jongeren en oudere jongeren, Sherpa, gelegen in de bossen van Baarn. ’s Ochtends werkten we een gevarieerd programma af. Een groepje ging zwemmen met een aantal gehandicapten. Diverse ruimtes kregen een nieuw verfje. Badkamers werden bestickerd. Zo’n vijftien bewoners beschikten een ochtend lang over een duwer, die hen door een zogeheten Belevingstuin mocht rijden. ’s Middags kwam een deel van de bewoners bijeen in het paviljoen van de gemeenschapsruimte. Een accordeonist, een bellenblazer en een suikerspinnendame maakten het feest compleet.
Zonder een spoor van emotie voelt Barend aan een bruine, langharige cavia. Ik probeer onder zijn bril te kijken. Zal ik hem even van zijn neus tillen? Ik durf het niet. Zijn rolstoel rijdt zwaar. Ik zet hem naast een grote plantenbak met kruiden. Dit is de Belevingstuin. Ik trek een takje tijm los en houdt het voorzichtig onder Barends neus. Geen reactie. Ik kan niet zien of hij ook echt ruikt. Misschien kan hij niet eens ruiken. Het is niet bekend bij zijn begeleidster. Ik herhaal mijn handeling, maar dan met een takje lavendel. Als hij al dan niet geroken heeft, leg ik het naast het takje tijm op het schootblad van zijn rolstoel. “Zullen we een stukje gaan wandelen?”
In deze woongemeenschap moet een minimum aan begeleiders alles uit de kast halen om mensen met een onmenswaardige lichamelijke en geestelijke conditie een menswaardig bestaan te geven. De begeleidster vertelt dat de meeste bewoners een aangepaste rolstoel hebben, met daarin een matras en soms riemen om hen vast te houden. Sommige mensen slaan zichzelf. “Veel bewoners denken en voelen als een baby in zijn derde levensmaand.” Het komt voor, vertelt de begeleidster, dat de bewoners zelfs niet meer door hun ouders worden bezocht. "Die kunnen het dan niet meer aan. En gaan soms ook scheiden om hun kind." God, wat voel ik me gezegend, met twee kerngezonde kinderen.
Na een tochtje van tien minuten door het bos is het tijd om Barend naar zijn woning te brengen. In de centrale hal annex keuken van het gebouw nemen we afscheid. De begeleidster heeft de zonnebril meegenomen, want die was geleend. Barend heeft zijn ogen open. Ik probeer contact met hem te maken en weet niet wat ik moet verwachten. Verdriet? Of toch gewoon blijdschap? Twee lange seconden kijken we elkaar aan. Ik zie niets.
Sherpa zoekt doorlopend vrijwilligers. Interesse? Meldt je dan aan via haar website>>
0 Comments:
Post a Comment
<< Home